Ajaxstoplicht in Beverwijk en boos Spaans mannetje
In dit artikel:
Vanmorgen stond de schrijver bij een rood verkeerslicht in Beverwijk en ontdekte hoog boven het wegdek een F-side‑sticker op het oranje licht. Verwondering over hoe zo’n sticker daar is gekomen — ladder, samenspanning of acrobatiek — wordt afgewisseld met het alledaagse geluid van toeterende auto’s zodra het groen werd.
De observatie leidt naar een breder fenomeen: voetbalsupporters plakken overal clubstickers om territorium af te bakenen. Jong en oud doen eraan mee; soms levert het trots op, soms ergernis. De auteur herinnert aan incidenten zoals een Feyenoordsupporter in 2017 die zijn auto vol Ajax‑stickers terugvond en aan de reactie van een auto met een Feyenoordsjaal tijdens een uitwedstrijd in Gelsenkirchen die online rondging. Tegelijk beschrijft hij het plezier van het zien van Ajax‑plakkaten in Europese steden — van Kopenhagen en Riga tot Napels en Athene — als een teken van aanwezigheid.
De plakpraktijk is doelbewust: hoe hoger aangebracht, hoe moeilijker te verwijderen. Supporters helpen elkaar daarbij; voor omstanders en eigenaars is het vaak vandalisme. In Vila‑real trof de auteur een cafétoilet vol stickers aan, en hij fantaseert over de gefrustreerde schoonmaker die alles moest schrobben. Als Ajax volgend seizoen niet in Europa speelt vanwege sportieve malaise, zullen buitenlandse lantaarnpalen en toiletten alvast gevrijwaard blijven van nieuwe plakacties.
Uiteindelijk blijft de schrijver achter met een bescheiden souvenir van het fenomeen: dat ene stoplicht in Beverwijk — en de vraag hoe die F‑side‑sticker daar in hemelsnaam is gekomen.