AZ en FC Utrecht kennen goede uitgangsposities na Europese uitzeges
In dit artikel:
AZ en FC Utrecht hebben in de heenwedstrijd van de Europese kwalificaties flinke voordelen gepakt: AZ klopte Levski Sofia in Sofia met 0-2, terwijl FC Utrecht in Bosnië & Herzegovina met dezelfde cijfers van Zrinjski Mostar won. Beide teams hebben daarmee een goede uitgangspositie voor de terugwedstrijden volgende week.
In het Nationale Stadion van Bulgarije bleef het eerste bedrijf doelpuntloos; Levski zette stevig verdedigend werk neer maar creëerde weinig gevaar, terwijl AZ enkel een kans van Mees de Wit kreeg die op het zijnet eindigde. Na rust opende nieuwkomer Isak Jensen vanaf links met een voorzet de score: Ibrahim Sadiq kopte raak (56'). Rond het uur verdubbelde Troy Parrott de marge door binnen te tikken na een gekeerde poging van Peer Koopmeiners. Doelman Owusu-Oduro hield zijn doel verder schoon; AZ reist met een comfortabele 0-2 mee naar Alkmaar en staat daarmee dicht bij een plek in de Conference League.
FC Utrecht zocht revanche voor de uitschakeling door Zrinjski in 2019 en nam vroeg in Bosnië het initiatief. Een handsbal van Petar Mamic leidde na VAR-interventie tot een strafschop, die David Min onberispelijk benutte (39'). Invaller Sébastien Haller, recent definitief overgenomen, kreeg tegen zijn oude club nog speelminuten, maar de eindstand werd bepaald door Victor Jensen: hij kopte vijf minuten voor tijd binnen nadat Gjivai Zechiël voorgezet had. Mamic kreeg in blessuretijd zijn tweede gele kaart en werd uitgesloten. Utrecht mag met vertrouwen toewerken naar de return en met uitzicht op plaatsing voor de Europa League.